De groenestroomcertificaten die u van de VREG ontvangt
voor uw zonnepanelen kunt u verkopen aan uw netbeheerder of aan Elia,
afhankelijk vna de datum waarop uw installatie in dienst werd genomen.
PV-installaties in dienst genomen na 1 januari 2006
Voor PV-installaties die na 1 januari 2006 in dienst worden genomen is uw netbeheerder
verplicht om de groenestroomcertificaten op te kopen aan 350 euro per
certificaat (voor jaar 2010). Deze verplichting geldt enkel indien het
certificaat binnen 48 maanden na de productie van de overeenstemmende
elektriciteit wordt verkocht aan de netbeheerder. Deze verplichting
geldt tot 20 jaar na de indienstname van de installatie.
Een eigenaar van een PV-installatie die zijn
groenestroomcertificaten aan de netbeheerder wil verkopen aan 450 euro
per certificaat kan deze zelf aan de netbeheerder overdragen of
automatisch door de VREG laten verkopen aan een minimumprijs.
Via de VREG verkopen: u kunt er ook voor kiezen dat de
VREG alle toegekende certificaten aan 450 euro verkoopt aan de
netbeheerder zodra ze zijn uitgereikt. U vinkt hiervoor een kruisje aan
op het aanvraagformulier. De VREG zorgt ervoor dat elk certificaat
onmiddellijk nadat het aangemaakt is, aan de netbeheerder te koop wordt
aangeboden. Op die manier ontvangt u zo snel mogelijk 450 euro op uw
rekening. Hiertoe vraagt de VREG in het nieuwe aanvraagformulier het
rekeningnummer van uw klant, zodat de VREG dit alvast kan doorgeven aan
de netbeheerder.
Zelf aan de netbeheerder verkopen: via de databank kan
men certificaten overschrijven van zijn eigen rekening naar de rekening
van een andere partij. Dit systeem is vergelijkbaar met een
elektronische bankrekening. Wie geen internettoegang heeft, kan de
gegevens van zijn groenestroomcertificaten telefonisch opvragen. Hij kan
de VREG ook schriftelijk op de hoogte brengen wanneer hij zijn
groenestroomcertificaten wil verkopen aan de hand van een daartoe
bestemd formulier (Word).
Als groenestroomproducent kunt u met uw netbeheerder
een overeenkomst sluiten om de decretaal vastgelegde minimumwaarde van €
450 voor de groenestroomcertificaten te garanderen. Deze minimumwaarden
worden gegarandeerd voor installaties in dienst genomen na 1 januari
2006. Een dergelijk contract voor zonne-energie heeft een looptijd van
20 jaar vanaf de indienstname van de installatie.
Ook bestaande installaties kunnen overschakelen naar de
automatische verkoop van alle groenestroomcertificaten aan minimumprijs.
Hiertoe volstaat een e-mail
of brief waarin u deze omschakeling aanvraagt, met vermelding van zijn
naam, adres, en het kenmerk van zijn installatie bij de VREG.
PV-installaties in dienst genomen voor 1 januari 2006
Voor PV-installaties in dienst genomen voor 1 januari 2006 is de transmissienetbeheerder Elia
verplicht om de geproduceerde groenestroomcertificaten op te kopen aan
150 euro. Deze verplichting geldt tot 10 jaar na de indienstname van de
installatie.
Om de administratieve last te beperken en indien de
eigenaar dit wenst, zal de VREG de certificaten voor de eigenaar
verkopen aan Elia. Elia zal vervolgens 150 euro storten op de
bankrekening van de eigenaar. U vinkt hiervoor een kruisje aan op het
aanvraagformulier.
Wie niet wenst dat de VREG zijn groenestroomcertificaten
systematisch aan Elia verkoopt, dient ze zelf te verkopen aan Elia aan
150 euro per certificaat. Via de databank kan men certificaten
overschrijven van zijn eigen rekening naar de rekening van een andere
partij. Dit systeem is vergelijkbaar met een elektronische bankrekening.
Wie geen internettoegang heeft, kan de gegevens van zijn
groenestroomcertificaten telefonisch opvragen. Hij kan de VREG ook
schriftelijk op de hoogte brengen wanneer hij zijn
groenestroomcertificaten wil verkopen aan de hand van een daartoe
bestemd formulier (Word).
Men kan ook groenestroomcertificaten verkopen aan
marktspelers (meestal elektriciteitsleveranciers) waarbij men dan met
hen onderhandelt over een prijs, die echter meestal lager zal zijn dan
150 euro. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar het systeem van groenestroomcertificaten.
Ook groenestroomcertificaten die worden toegekend aan installaties die
langer dan 10 jaar in dienst zijn en niet meer in aanmerking komen voor
de aankoopverplichting door Elia aan 150 euro kunnen op die manier
worden verkocht.
Uitbreiding na 1 januari 2006 van een installatie die in dienst werd genomen voor 1 januari 2006
Voor bestaande installaties die voor 1 januari 2006 in
dienst werden genomen, blijft de minimumprijs 150 euro per
groenestroomcertificaat. Indien een deel van de installatie vóór en een
deel ná 1 januari 2006 in dienst werd genomen, worden voor het oude deel
en nieuwe deel apart groenestroomcertificaten toegekend. De
certificaten voor het oudste deel zijn aan 150 euro verkoopbaar aan
Elia, certificaten voor het nieuwste deel zijn aan 450 euro verkoopbaar
aan uw netbeheerder.
Indien de volledige elektriciteitsproductie van een
dergelijke samengestelde installatie door één elektriciteitsmeter wordt
opgemeten, verdeelt de VREG de toe te kennen groenestroomcertificaten
over het oudste en het nieuwste deel, in verhouding tot het
geïnstalleerde vermogen van beide onderdelen van de PV-installatie.
BTW op de certificaten voor groene stroom en warmtekrachtkoppeling
Wanneer een particulier groene stroom produceert voor
eigen verbruik is het niet de bedoeling een duurzame opbrengst te
verkrijgen uit deze geproduceerde stroom. Dit is zelfs niet het geval
wanneer de productie af en toe het eigen verbruik overschrijdt. De
GSC/WKC (verbonden aan de productie voor eigen gebruik) worden in dit
opzicht gezien als een financiële tegemoetkoming om er voor te zorgen
dat mensen gestimuleerd worden stroom voor eigen gebruik te produceren.
Technisch gezien kunnen we dit gelijkstellen met de installaties met een
productiecapaciteit tot 10 kW, die in overeenstemming met het Technisch
Reglement Distributie Elektriciteit over een compenserende teller
beschikken.
In dit geval wordt de verkoop van groenestroomcertificaten (en warmtekrachtcertificaten) niet onderworpen aan de BTW.
De handel in groenestroomcertificaten afkomstig uit een privé-productie
van groene stroom wordt in bovenstaand verband immers niet gezien als
een economische activiteit. Er moet dan ook aan geen BTW-verplichtingen
voldaan worden zoals het aanvragen van een BTW-nummer of het verplicht
opmaken van facturen met vermelding van dit BTW-nummer.
Indien echter de omvang van de installatie een elektriciteitsproductie
mogelijk maakt die ruimschoots het verbruik van de woning overschrijdt,
dan verkrijgt de betrokkene de hoedanigheid van belastingsplichtige.
In dit geval is er ook geen compenserende teller meer en is er dus een
daadwerkelijke verkoop van de elektriciteit aan een
elektriciteitsleverancier. Zowel de verkoop van groene energie als de
verkoop van de certificaten zal dan onderworpen zijn aan de BTW. De
eigenaar moet in dit geval een BTW-aangifte indienen bij het
BTW-controlekantoor waaronder hij valt. Hij is ook gehouden aan alle BTW
verplichtingen.
De particulier kan wel aanspraak maken op een vrijstelling,
voorzien in artikel 56 §2 van het BTW wetboek, wanneer de jaaromzet
voortvloeiend uit de elektriciteitsproductie niet meer bedraagt dan
5.580 Euro per kalenderjaar. Een installatie met een productiecapaciteit
onder de 10 kW voldoet in principe aan deze vrijstellingsvoorwaarde.
Fiscale behandeling van de opbrengsten uit groenestroomcertificaten in de personenbelasting
De opbrengst van de verkoop van groenestroomcertificaten
zijn geen belastbare inkomsten in de personenbelasting, voor zover de
elektriciteit geproduceerd wordt door een installatie die exclusief in
de privé-sfeer wordt gebruikt. opnieuw kunnen we dit op technisch vlak
gelijkstellen met de installaties met een productiecapaciteit tot 10 kW,
die in overeenstemming met het Technisch Reglement Distributie
Elektriciteit over een compenserende teller beschikken.